Inschrijvingsgeld

Inschrijvingsgeld

Bij de informatie over elke opleiding vind je terug hoeveel het inschrijvingsgeld bedraagt. Het inschrijvingsgeld wordt bepaald door het decreet op het volwassenenonderwijs. Het bedrag van het inschrijvingsgeld dat je moet betalen, is afhankelijk van je statuut: niet vrijgesteld, € 1,5/lestijd - gedeeltelijk vrijgesteld, € 0,30/lestijd - volledig vrijgesteld, € 0/lestijd.  Onder welke voorwaarden je recht hebt op gedeeltelijke of volledige vrijstelling van het inschrijvingsgeld en/of bepaalde financiële toelagen vind je terug op deze pagina.

De overheid voorziet een begrenzing van het inschrijvingsgeld per semester.
Begrenzing op € 300 inschrijvingsgeld per semester en per opleiding in het secundair volwassenenonderwijs en in het Hoger Beroepsonderwijs (HBO5)
 

Handboeken, cursus- en vakgebonden materiaal zijn in het inschrijvingsgeld NIET inbegrepen. 

Wanneer je inschrijft, wordt er verwacht dat je contant betaalt via bancontact of met cash geld. Je bent pas ingeschreven wanneer je het volledige inschrijvingsgeld en het cursusmateriaal hebt betaald.

Terugbetaling inschrijvingsgeld

Stel je voor de start van de opleiding vast dat je door privé- of werkomstandigheden de lessen niet kan volgen, dan wordt het volledige bedrag aan inschrijvingsgeld terugbetaald op voorwaarde dat je dit voor de start van de eerste schooldag laat weten.

Stel je vast, nadat je bent gestart met de opleiding, dat je door privé- of werkomstandigheden de lessen niet verder zal kunnen volgen, dan wordt een deel van het inschrijvingsgeld terugbetaald. Dit kan alleen op voorwaarde dat je je inschrijving annuleert voor de derde week van de lessen ingaat. Het volledige bedrag van het inschrijvingsgeld wordt dan verminderd met € 25 administratiekosten.
 
Nadat je meer dan twee weken van de opleiding hebt gevolgd, wordt er niets meer terugbetaald.

Onkosten cursusmateriaal en vakgebonden materiaal
Het studiegeld bestaat naast het inschrijvingsgeld uit de onkosten voor het cursusmateriaal en de onkosten voor het vakgebonden materiaal. Bij de informatie over elke opleiding vind je terug hoeveel de extra kosten zijn voor het cursusmateriaal en het vakgebonden materiaal. Deze onkosten zijn, integenstelling tot het inschrijvingsgeld, voor elke cursist hetzelfde en moeten door elke cursist worden betaald.

Onder cursusmateriaal wordt verstaan : fotokopies, handboeken, gastdocenten, gebruik van het leerplatform, gebruik van software, gebruik van hardware, gebruik van audiovisuele leermiddelen, studiebezoeken, verblijfs- en verbruikskosten voor vakken op verplaatsing. Om de kostprijs van het cursusmateriaal voor een vak te berekenen, wordt de totale kostprijs van het cursusmateriaal van een opleiding gedeeld door het aantal vakken. Op die manier worden de cursuskosten gelijkmatig verdeeld over een opleiding. Dit cursusmateriaal staat mee op je inschrijvingsformulier en wordt onmiddellijk mee afgerekend wanneer je inschrijft.

Onder vakgebonden materiaal wordt verstaan: vakgebonden kledij en vakgebonden materiaal. Dit materiaal koop je doorheen het jaar zelf aan of via de vakleerkracht. Je betaalt het materiaal wanneer je het aankoopt en het wordt meestal bij de inschrijving dus niet mee afgerekend. 

Terugbetaling cursusmateriaal en vakgebonden materiaal

Wanneer je je inschrijving annuleert voor 01 september of voor 24 januari wordt het cursusgeld integraal terugbetaald. Bij een annulatie die later gebeurt, wordt het cursusmateriaal nooit terugbetaald ook al heb je nog geen cursus ontvangen. Het cursusmateriaal bestaat immers uit meer dan een cursus alleen zoals je eerder op deze pagina kan lezen.

Verblijfsonkosten voor vakken op verplaatsing behoren ook tot cursusmateriaal. Deze worden terugbetaald wanneer je niet hebt deelgenomen aan het onderdeel van het vak dat in internaatsverband wordt gegeven en tijdig hebt verwittigd, dat wil zeggen voor de start van de meerdaagse.

Het vakgebonden materiaal wordt nooit terugbetaald omdat het materiaal is dat je zelf vrij aankoopt zoals bijvoorbeeld kokkledij.
 

Vrijstelling van inschrijvingsgeld

Gedeeltelijke vrijstelling van inschrijvingsgeld 
Wie gedeeltelijk is vrijgesteld betaalt per lesuur € 0,30 in plaats van € 1,5.  Om in aanmerking te komen voor gedeeltelijke vrijstelling van het inschrijvingsgeld moet je aan minstens één van de volgende voorwaarden voldoen en hiervan de juiste en volledig ingevulde attesten inleveren in de school:

  • uitkeringsgerechtigd werkloos zijn en een opleiding volgen die niet gevolgd worden in een door de VDAB erkend traject naar werk. Dit attest met de naam “attest tot het bekomen van vrijstelling van de betaling van inschrijvingsgeld in het onderwijs van Onderwijs Sociale Promotie” kan je krijgen bij de VDAB.
  • arbeidsongeschikt zijn voor minimum 66 % of ten laste zijn van een gezinshoofd dat in deze situatie verkeert. Dit attest haal je bij het Vlaams Fonds of de mutualiteiten. Daarnaast is er een verklaring op eer nodig ondertekend door de cursist en het gezinshoofd.
  • recht hebben op een integratietegemoetkoming voor gehandicapten of ten laste zijn van een gezinshoofd dat recht heeft op deze tegemoetkoming. Dit attest haal je bij het Vlaams Fonds of de mutualiteiten. Daarnaast is er een verklaring op eer nodig ondertekend door de cursist en het gezinshoofd.
  • ingeschreven zijn bij het Vlaams agentschap voor Personen met een Handicap of ten laste zijn van een gezinshoofd dat ingeschreven is bij dit Agentschap. Dit attest haal je bij het Vlaams Fonds of de mutualiteiten. Daarnaast is er een verklaring op eer nodig ondertekend door de cursist en het gezinshoofd.
  • tijdens twee opeenvolgende jaren, onmiddellijk voorafgaand aan de inschrijving in onze school, een opleiding gevolgd hebben in een Centrum voor Basiseducatie van tenminste 120 lestijden. Dit attest haal je bij het Centrum voor Basiseducatie waar je de lessen volgde.

Deze attesten mogen niet ouder zijn dan een maand die volgt op de dag van de inschrijving.

Volledige vrijstelling van inschrijvingsgeld 
Om in aanmerking te komen voor volledige vrijstelling van het inschrijvingsgeld moet je aan minstens één van de volgende voorwaarden voldoen en hiervan de juiste en volledig ingevulde attesten inleveren in de school:

  • een leefloon of een inkomen via de maatschappelijke dienstverlening van het OCMW ontvangen of ten laste zijn van een gezinshoofd dat dit inkomen ontvangt. Het juiste attest haal je bij het OCMW. Daarnaast is er ook een verklaring op eer nodig, ondertekend door de cursist en het gezinshoofd.
  • asielzoeker of vreemdeling zijn die een procedure tot erkenning als politieke vluchteling heeft lopen en enkel materiële hulp geniet. Dit attest haal je bij het OCMW.
  • een wachtuitkering of werkloosheidsuitkering krijgen en een opleiding volgen die door de VDAB erkend is in het kader van traject naar werk.